Nieuws
Agenda

Duurzame biomassa voor de productie van waterstof : een beoordeling vanuit de klimaatopgave

De groene sector (beheerders van bos-, natuur en groen) en beleidsmakers hebben behoefte aan een op wetenschappelijke feiten gebaseerde onderbouwing van het gebruik van biomassa (tak- en tophout) als duurzame grondstof voor energie. Er is een casus van recreatiebedrijf Leisurelands, die beoogt deze biomassa kleinschalig te converteren naar waterstof als biobrandstof.

Studie naar duurzaamheidseffecten

Het doel van de literatuurstudie is het in beeld brengen van de duurzaamheidseffecten van het gebruik van vrijkomend top- en takbout en snoeihout voor de productie van waterstof en zo mogelijk het formuleren van criteria en aandachtspunten (de do’s- and-don’ts). Daarbij kijken we enerzijds naar de impact van de casus op het ecosysteem en anderzijds naar de rol van de casus in de energie- en groene-grondstoffentransitie. Het gebruik van hout voor duurzame energie ligt maatschappelijk onder een vergrootglas met voor- en tegenstanders. Dat roofbouw moet worden voorkomen, staat in de gebruikte informatiebronnen niet ter discussie, wel de condities waarop dat kan worden voorkomen.

Klimaatopgave

Er is als gevolg van de klimaatveranderingen een hoge tijdsdruk om nieuwe energiesystemen te realiseren, door nú te handelen, te innoveren en te leren. Door nu te investeren in kleinschalige, innovatieve waterstofproductie met biomassa (als tijdelijke grondstof) kan de lokale introductie van de waterstofeconomie worden bevorderd. De verwachting is dat op termijn andere bronnen voor waterstof het gaan overnemen. De benodigde biomassa inzamelstructuur behoudt dan waarde wanneer tijdig volgende stappen worden gezet richting groene chemie of andere, hoogwaardigere toepassingen.De grondstof tak- en tophout vervult een rol in het biologische ecosysteem. Belangrijke randvoorwaarden voor het oogsten van dat materiaal zijn een positieve bijdrage aan de vermindering van de C-uitstoot, een evenwichtige nutriëntenbalans van de bodem en behoud van biodiversiteit. De bijdrage aan de vermindering van de C-uitstoot moet over de gehele keten worden bekeken, van oogst tot en met productie van groen gas. Ten opzichte van de referentie-inzet van fossiele brandstoffen moet er een reductie optreden van minimaal 70%. Voor tak- en tophout ziet dat er goed uit. De nutriëntenbalans is vooral een aandachtspunt op (arme) zandgronden. Bij bossen op rijkere bodems komen er voldoende nutriënten vrij uit natuurlijke afbraak van biomassa. De biodiversiteit kan goed beschermd worden door het oogsten in de winterperiode en te werken via de gedragscode natuurbeheer van de VBNE.

Lees hier verder en download het rapport