Nieuws
Agenda

BIOVOICES beoogt meer gebruik van biobased producten

BIOVOICES is een driejarig H2020-project dat in januari 2018 is gestart en eindigt in december 2020. In totaal doen er dertien partners mee uit tien landen. De achtergrond van BIOVOICES is dat de transitie naar producten op plantaardige basis (biobased) en daarmee meer bijdrage aan de circulaire economie, langzaam verloopt. Dit hangt samen met het feit dat burgers en overheden als potentiële gebruikers nog nauwelijks bij deze transitie betrokken zijn. De Europese Commissie wil daar verandering in brengen. Greet Overbeek en Anne-Charlotte Hoes vertegenwoordigen Wageningen Economic Research in BIOVOICES.

Overbeek: ‘Er zijn veel producten van plantaardige materialen, maar die zijn nog maar net op de markt. Het zijn producten die nog kinderziektes hebben of een klein aantal gebruikers hebben. Veel biobased producten zoals isolatiematerialen, kleding, meubels en speelgoed gemaakt van natuurlijke materialen moeten zich nog bewijzen of zij voor een grotere groep gebruikers aantrekkelijk zijn en een duurzaam alternatief vormen voor fossiele producten. Andere producten gemaakt van natuurlijke materialen zoals houten huizen en cosmetica worden niet als zodanig gekend. Het streven is om gewenste producten op te schalen naar meer gebruikers.’

Bijeenkomsten

De komende twee jaar worden er in Europa zeventig bijeenkomsten georganiseerd om die vier groepen uit de helix elkaar te laten ontmoeten. Voor Nederland betekent dit om samen met startups, overheden, milieuorganisaties en onderzoekers op te trekken.

Op 18 april is er in het kader van het NatureFibertastic Event een bijeenkomst over isolatiematerialen die bijvoorbeeld gemaakt zijn van vlas, stro, gerecycled katoen, houtsnippers of hennep. De kernvraag is hoe we die kunnen opschalen.

Overbeek: ‘We kijken naar de specifieke problemen die daarbij komen kijken, zoals keurmerken en normen, en de samenwerking tussen aanbieders. In Nederland bestaat isolatiemateriaal momenteel vooral uit kunststof, met weinig vocht en het ademt niet. Al die natuurvezels ademen juist wel, hebben een hoger vochtgehalte en zijn daar ook op gericht. Als een keurmerk dan op het vochtgehalte van isolatiemateriaal slaat, dan wordt zo’n natuurvezel meteen aan de kant geschoven ten gunste van kunststof. Ook moeten de natuurvezelplaten iets dikker zijn. Het gevolg is dat die vezels nu vooral toegepast worden bij nieuwbouw en grote verbouwingen, bijvoorbeeld een vrijstaand huis dat toch al op z’n kop gezet wordt, en niet bij kleine verbouwingen van een rijtjeswoning. Dit zijn typische problemen die in Nederland spelen waar grote aannemers de huizenmarkt bepalen. Als je naar België kijkt, dan zie je dat daar veel meer mensen zelf bouwen of hele huizen verbouwen. De transitie gaat in België daarom wat sneller.’

Lees meer over BIOVOICES.

Bron: WUR